Schizofrenie

Uit FOK!wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Schizofrenie wordt verdeeld in vijf typen, volgens een aantal overheersende kenmerken:

1. Het paranoïde type Het meest opvallende symptoom is een georganiseerd systeem van wanen en stemmen die het leven van de patiënt beheersen. Vooral achtervolgings- en grootheidswanen komen voor. Mensen zijn vaak stijf en formeel, of juist extreem intens in hun omgang met anderen. Symptomen als incoherentie, emotionele vervlakking, katatonie (bewegingsstarheid) en ernstig verstoord gedrag ontbreken echter.

2. Het gedesorganiseerd (hebefrene) type De patiënten zijn zo onsamenhangend in hun denken (incoherent) dan zij in staat zijn tot een georganiseerd systeem van wanen en hallucinaties. Zij vertonen hoogstens fragmentarische vormen van wanen of hallucinaties. Vaak klagen ze over diverse lichamelijke ziekten en hebben ze vervlakte of misplaatste gevoelens. Daarnaast vallen cognitieve stoornissen en verschillende gedragsafwijkingen zoals grimassen trekken en ongewone gekunsteldheid sterk op (misplaatst lachen of huilen). Dikwijls zijn ze sociaal zeer geïsoleerd.

3. Het katatone type Dit type wordt gekenmerkt door psychomotorische stoornissen. Sommige patiënten staan uren lang bewegingloos in een vreemde houding, zwijgend en zonder ergens op te reageren. Anderen hebben last van motorische opwinding en zwaaien op een ongecontroleerde manier met hun armen (stereotypieën). Bij nog weer anderen wisselen deze motorische stoornissen elkaar af. Een aantal toont een ongemotiveerde weerstand tegen iedere vorm van instructie (negativisme). Door het gebruik van antipsychotica in de vroege fase van schizofrenie komt het katatone type nog vrij zelden voor.

4. Het ongedifferentieerde type Tot dit type behoren patiënten die duidelijk schizofreen zijn, maar niet goed passen binnen de andere typen. Vaak beantwoorden ze aan de criteria van meer dan één type.

5. Het resttoestandtype Dit is een vorm van schizofrenie die na verloop van tijd ontstaat, wanneer de symptomen van een actieve psychotische fase als wanen, hallucinaties, incoherentie of ernstig ontregeld gedrag sterk in intensiteit en aantal zijn verminderd. De toestand wordt vooral gekenmerkt door opvallende achteruitgang in persoonlijk en maatschappelijk functioneren. De restverschijnselen of ‘negatieve’ symptomen overheersen: verminderde emotionele aanspreekbaarheid, gebrek aan activiteit en initiatief, sociale teruggetrokkenheid, verarming van taal en denken, gebrekkige zelfverzorging.

De voorbeschiktheid tot schizofrenie is erfelijk bepaald en berust verder op structurele hersenafwijkingen mogelijk een gevolg van geboortecomplicaties of virusinfecties. Vooral: • belastende factoren, • een veeleisende omgeving of een kritisch gezinsklimaat lijken de kans op terugval te vergroten.

De stoornis wordt behandeld met antipsychotica, in combinatie met een psychosociale aanpak in de vorm van voorlichting en sociale vaardigheidstraining. Echt herstel is niet mogelijk, wel kan een zo groot mogelijke resocialisatie worden beoogd. Vaak is sprake van een chronisch verloop met herhaalde psychotische episoden en/of geleidelijke achteruitgang in het psychosociaal functioneren.